De vechtsport in Nederland is klaar om één sterke vechtsportbond op te richten. De tijd van versnippering en verdeeldheid is voorbij, stellen VA-voorzitter Herbert Dekkers en bureaudirecteur Farid Gamei vandaag in een dubbelinterview met dagblad De Telegraaf. “Binnen nu en een jaar moet er één bond zijn en het is het beste als wij er straks niet meer hoeven te zijn.”
Sportredacteur Lars van Soest van De Telegraaf maakte samen met de VA-leiding de balans op van vijf jaar Vechtsportautoriteit. Hij schetst hoe de vechtsport er voor stond, voor de oprichting van de toezichthouder. Dat was niet best. “Knokpartijen, soms zelfs een schietpartij, witwaspraktijken en zware criminelen op de eerste rij. Steeds meer gemeenten weigerden organisaties een vergunning te verlenen. De sport leek een stille dood te sterven.” Onder supervisie van een toezichthouder kregen het kickboksen, thaiboksen en MMA een laatste kans om de zaken op orde te stellen. Er werd veel meer structuur aangebracht en een aantal acute problemen werd aangepakt. Nu is het tijd om vooruit te kijken, stellen de VA-vertegenwoordigers.
Momenteel zijn er in Nederland negen ‘bondjes’ op het gebied van kickboksen, thaiboksen en MMA, schrijft De Telegraaf. Volgens Farid Gamei moet een bond zich echter ook bezighouden met het grotere plaatje. “Met ontwikkeling, breedtesport, topsport, competities, opleidingen, enzovoort.” Dat ontbreekt er nog aan en daar lijdt de vechtsport onder.
De krant brengt in herinnering dat corona de noodzaak van goede organisatie nog eens onderstreepte. “Terwijl de KNVB als één blok lobbyde bij de overheid om bepaalde dingen voor elkaar te krijgen, keek men elkaar in de vechtsport vragend aan,” schrijft Van Soest. “De VA stapte uiteindelijk naar voren om de sector te vertegenwoordigen, al is dat in principe geen taak van een toezichthouder.”
De versnippering zorgt ook voor tientallen wereldtitels die door organisaties en promotors worden uitgedeeld aan vechters, waardoor een wereldtitel vaak weinig zegt. “Iedereen heeft zijn eigen wereldkampioen. Met één bond kan worden toegewerkt naar een NK, zodat duidelijk is wie de beste van het land is.”
Een ander argument voor het vormen van een bond dat door de VA op tafel wordt gelegd, heeft te maken met geld en ondersteuning. Aangesloten bij het NOC*NSF maakt de vechtsport deel uit van de Nederlandse sportfamilie. “Als vechter moet je het bijna allemaal zelf doen,” zegt Gamei, die uit ervaring spreekt. Hij vocht op het hoogste niveau, maar kreeg niet de ondersteuning die bijvoorbeeld een cricketer uit zijn klas wel kreeg. En dat gaat niet alleen om geld, ook om kennis. “Een voedingsschema zoeken vechtsporters soms op via internet. Dat kan en moet veel professioneler. Zeker omdat kickboksen in 2028 mogelijk een demosport wordt op de Olympische Spelen in Los Angeles,” aldus Gamei.
In 2023 moet er dus een nieuwe bond zijn, volgens de VA. Maar is dat realistisch, vraagt De Telegraaf, gezien het huidige versnipperde landschap? Dekkers gelooft erin, maar stelt dat er in die nieuwe situatie wel een cultuurverandering nodig is. “Dat gaat tijd en energie kosten. Ze moeten niet ‘ik’, maar ‘wij’ gaan zeggen.”
NOC*NSF heeft deze week een kwartiermaker aangesteld. Jan Willem Landré moet de juiste mensen vinden om de bond te vormen.
De Telegraaf eindigt met de vraag waar de Nederlandse vechtsport over vijf jaar staat. Dekkers: ,,Als alles veilig en schoon is, als de bond goed functioneert en er binnen de bandbreedte van wat betamelijk is, geen incidenten plaatsvinden, dan is de VA hopelijk niet meer nodig. Sowieso geven we onze bondstaken straks over en gaan we ons louter focussen op toezicht. Het zou een goed teken zijn als we dat uiteindelijk ook kunnen laten varen. Dat betekent dat het goed gaat met de sport. Ik ben het meest blij als wij er straks niet meer zijn.”


